DE SPIRITUELE VORMING

De seminaristen worden opgeleid in de sacerdotale geest tot een gebedsleven, open voor de theologale deugden van geloof, hoop en liefde en voor de deugden van voorzichtigheid, rechtvaardigheid, sterkte en matigheid, en dit om klaar te zijn:

- voor het ministerie van het Woord, opdat zij meer en meer het Woord Gods zouden begrijpen, dat zij het door meditatie zouden bezitten en dat zij het zouden uitdrukken in hun woorden en levenshouding.

- voor het ministerie van de Cultus en van de Heiliging, ten einde zich helemaal te wijden aan het gebed en aan de heilige liturgische vieringen, het heilswerk te vervullen door het eucharistisch offer en door de sacramenten.

- voor het ministerie van Herder, ten einde Christus aanwezig te stellen “die niet gekomen is om gediend te worden maar om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen”(Mc 10,45; cf. Joh. 13,12-17) en opdat zij, dienaren van allen geworden, er een groot aantal zouden winnen (cf. 1 Kor. 9,10).

In het seminarie “Redemptoris Mater” ontwikkelt en verzorgt men in eerste instantie het dagelijkse en constant gebed.

De liturgische gebeden worden samen gebeden, namelijk op het uur van de Lauden en de Vespers, spilmomenten van de dag die een loflied aan de Drie-eenheid, Vader, Zoon en Heilige Geest moeten zijn

De bron en het hoogtepunt is de dagelijkse eucharistie. Zij wordt met eerbied en waardigheid, kalmte en in volledige existentiële participatie gevierd.

Wij plaatsen ook de meditatie (scrutatio) van de Heilige Schrift in het sanctuarium van het Woord.

Het Rosarium wordt dagelijks gebeden om de vorming volledig aan de tussenkomst van Maria toe te vertrouwen.

Elke dag wordt een behoorlijke tijd aan verlengd gebed in afzondering gewijd.

Vrijdag- en zondagavond is er een tijd van Eucharistische aanbidding voorzien.

Men helpt de seminarist bij het ontwikkelen van een groeiend bewustzijn in configuratie met Christus-Hoofd door hetwelk hij geroepen is Hem te vertegenwoordigen, Hem opnieuw aanwezig te maken als Eerstgeborene tussen de doden en van elk schepsel (Kol 2 ; Fil 2), Hij die alle mensen bemind heeft en voor allen zijn leven heeft gegeven.

De broeders en zusters in het geloof moeten bij de priester de gids, het referentiepunt en de steun van Christus zelf kunnen vinden.

De seminaristen worden op bijzondere wijze tot de kuisheid gevormd. De kuisheid is het respect tegenover het lichaam dat de tempel van de Heilige Geest is. De kuisheid is een liefdesboodschap die het lichaam realiseert en waarvan het getuigt.

Zij zullen in de armoede moeten groeien, die zij beleven als een blijde overgave aan Gods voorzienigheid. Hun dagelijks leven bestaat zo ook uit een veeleisende onzekerheid.

De gehoorzaamheid zal hen brandmerken als authentieke auditeurs van God in zijn Woord, in het Magisterium van de Kerk, gehoorzaam aan de Bisschop die hij in ere zal houden als Herder.